Hoeveel regie heeft jouw organisatie rond datasoevereiniteit?
Datasoevereiniteit staat steeds vaker op de agenda. Niet alleen door geopolitieke spanningen en strengere Europese regelgeving, maar vooral omdat organisaties zich realiseren hoe afhankelijk ze zijn geworden van leveranciers, platforms en ketens die ze niet volledig beheersen. De kernvraag gaat dan ook allang niet meer alleen over techniek, maar over regie. Ook in gesprekken met organisaties in onze rondetafelsessie kwam hetzelfde beeld terug: datasoevereiniteit is geen abstract ideaal, maar een concreet vraagstuk over architectuur, governance, contracten én dagelijkse werkwijzen. Dit schrijft Jeroen Stokkink (foto), Productmanager multi-cloud, netwerk en managed services bij Acknowledge, in deze blog.
Waar datasoevereiniteit écht over gaat
“Onze data staat in de EU, dus we zijn veilig” is een veelgehoorde misvatting. Datasoevereiniteit wordt dan ook vaak gereduceerd tot de fysieke locatie van data. Maar het gaat niet primair om waar data staat, maar om wie de regie heeft. In de praktijk blijkt dat verrassend complex, omdat controle meer is dan datalocatie of een vinkje in een contract. Ga eens na: kun jij de onderstaande vragen vandaag beantwoorden?
Weet je waar je data staat? Fysiek: in welk land, bij welke provider, in welke omgeving?
Kun je je data te allen tijde terughalen of verwijderen? Ook als je wilt migreren of een contract stopt?
Weet je wie er toegang heeft, welke rechten daarbij horen en wat er écht met je data gebeurt?
En als het misgaat: hoe snel ben je hersteld? Is dat herstel ook periodiek getest en aantoonbaar?
Voor veel organisaties is het antwoord op minstens één van deze vragen niet volledig. En precies daar begint datasoevereiniteit: niet bij de locatie zelf, maar bij aantoonbare regie over deze locatie. Ook als die zich in de cloud bevindt.
Waarom juist nu?
Meerdere ontwikkelingen komen hier samen. Organisaties werken met steeds meer data die door ketens van systemen en leveranciers stroomt. De snelle opkomst van AI-diensten vergroot deze vragen: wie het model controleert, controleert indirect ook de data. Tegelijkertijd groeien cloudplatformen uit tot hyperscalers en is wisselen van leverancier in de praktijk niet eenvoudig. Dat roept de vraag op: is volledige datasoevereiniteit in de praktijk wel haalbaar? Zeker in een mondiaal digitaal ecosysteem, waarin organisaties voor vitale processen nog altijd sterk leunen op Amerikaanse hyperscalers, werd dit ook tijdens de rondetafelsessie herkend als een spanningsveld. Geopolitieke onrust maakt bovendien duidelijk dat datalocatie geen technisch detail is, maar een strategische overweging. Tegelijkertijd worden wet- en regelgeving, van AVG tot NIS2, dwingender in de eisen die ze stellen aan waar data staat en hoe je die beheert. Het resultaat: bedrijven die zich afvragen waar ze aan toe zijn, en waar ze goed aan doen.
Multi-cloud als middel
Een gedegen cloudstrategie begint met een stap die veel organisaties overslaan: dataclassificatie. Welke data heb je, hoe gevoelig is die, en hoe loopt die door je processen? Intellectueel eigendom of bedrijfskritische informatie vraagt om een andere aanpak dan alledaagse Office-bestanden. Vanuit dat inzicht kijk je naar de juiste omgeving per workload. Een multi-cloud– of hybride aanpak helpt om afhankelijkheden te spreiden met een bewuste combinatie van bijvoorbeeld private cloud, public cloud en on-premises infrastructuur. Sommige workloads presteren nu eenmaal beter lokaal: denk aan latencygevoelige toepassingen waarbij een datacenter het verschil maakt. Het gaat er niet om de grote cloudleveranciers te vermijden, maar om bewust te kiezen: welke workload past het best bij welke omgeving? Belangrijk is de nuance dat multi-cloud geen einddoel is, maar een instrument om regie en flexibiliteit te behouden.
Controle loont
Een multi-cloud- of hybride werkwijze kan risico’s verminderen, maar het brengt ook extra complexiteit met zich mee. Tegelijkertijd ligt de confronterende vraag op tafel: zijn we bereid meer te betalen voor soevereine, lokale oplossingen met minder functionaliteit? De deelnemers van de rondetafelsessie konden hierover niet tot eenduidig antwoord komen. Wel werd duidelijk dat datasoevereiniteit vraagt om een bredere kostenafweging waarin ook risico, continuïteit en compliance worden meegenomen, niet alleen de prijs per maand. Wie zich goed verdiept in data en workloads, ontdekt bovendien dat datasoevereiniteit ook kostenbesparend kan werken.
Geen blauwdruk, wel richting
Datasoevereiniteit is geen checklist en ook geen puur IT‑vraagstuk. Het raakt bestuur, strategie, legal, security én dagelijkse praktijk. Misschien is de belangrijkste vraag daarom niet hoe je volledig datasoeverein wordt, maar welke afhankelijkheden je bewust accepteert en onder welke voorwaarden. Wij kijken terug op een open, eerlijk en inhoudelijk gesprek met organisaties tijdens de rondetafelsessie. Bedankt aan alle deelnemers voor hun scherpe vragen en inzichten. Het gesprek is hiermee niet afgerond, maar juist begonnen.
Jeroen Stokkink, portfoliomanager bij Acknowledge, ging verder in gesprek met Dutch IT Channel. Wil je horen hoe hij hierover denkt en wat hij organisaties aanraadt? Bekijk hier het volledige gesprek.