Nieuwe spelregels voor de digitale overheid
De Rijksoverheid, provincies, gemeenten en waterschappen slaan de handen ineen om de digitale transitie van Nederland naar een hogere versnelling te schakelen. Met de introductie van drie krachtige 'interventies' binnen de Nederlandse Digitaliseringsstrategie (NDS) komt er een einde aan het versnipperde IT-landschap. De boodschap is helder: wat we gezamenlijk ontwikkelen, gebruiken we ook.
De NDS rust op zes prioriteiten, maar om deze te realiseren moeten eerst de structurele belemmeringen uit de weg worden geruimd. De drie gekozen interventies richten zich op de fundamenten van de digitale overheid: standaarden, inkoopkracht en wetgeving.
1. Standaarden zijn niet langer een suggestie
Een van de grootste struikelblokken voor een efficiënte digitale overheid is het gebrek aan uniformiteit. Tot nu toe was het gebruik van bepaalde digitale standaarden vaak een keuze. Dat verandert. Er komt een versterkte aanpak op het afspreken, invoeren en handhaven van standaarden.
Europese digitale standaarden worden verplicht voor alle overheidsorganisaties. De overheid gaat hierbij actief monitoren: organisaties die achterblijven, worden hierop aangesproken. Daarnaast wordt het "opnieuw uitvinden van het wiel" ontmoedigd door collectieve bouwstenen en oplossingen verplicht te stellen. Onder het motto 'één overheid onder architectuur' wordt gestuurd op herkenbaarheid en herbruikbaarheid, tenzij nationale veiligheid of defensie een uitzondering rechtvaardigen.
2. Bundelen van inkoopkracht voor meer autonomie
De tweede interventie richt zich op de portemonnee en de strategische positie van de overheid. Er wordt gewerkt aan een overheidsbrede IT-sourcingstrategie. Door de inkoopkracht te bundelen, kan de overheid als één blok optreden richting grote techleveranciers.
Dit heeft meerdere doelen. Enerzijds zorgt het voor efficiënter gebruik van publiek geld, anderzijds vergroot het de 'open strategische autonomie'. In een wereld waarin vitale infrastructuur steeds vaker afhankelijk is van externe (vaak niet-Europese) partijen, is een uniforme en weerbare inkoopstrategie cruciaal voor de continuïteit van de dienstverlening aan de burger.
3. Juridische versnelling en implementatie
De digitale wereld wordt gereguleerd door een woud aan wetgeving. Alleen al op het gebied van datahuishouding zijn er tientallen nationale en sectorale wetten, vaak aangevuld met complexe Europese kaders. Voor individuele overheidsinstanties is het tempo van deze nieuwe wetgeving nauwelijks bij te benen.
De derde interventie richt zich daarom op het bundelen van juridische expertise en het wegnemen van knelpunten. Hiermee sluit Nederland aan bij het Europese 'Competitiveness Compass'. Het doel is niet alleen het implementeren van regels, maar ook het versimpelen daarvan waar dat de digitale innovatie in de weg staat.
Samen versnellen
De interventies markeren een verschuiving van 'vrijwillige samenwerking' naar 'gecoördineerde uitvoering'. Door belemmeringen op het gebied van techniek, inkoop en recht gezamenlijk aan te pakken, hopen de publieke dienstverleners de broodnodige versnelling te realiseren die nodig is om Nederland digitaal koploper te houden.