Techniek Nederland wil fiscale prikkel voor reparaties
Met de deadline voor de Europese richtlijn Right to Repair in zicht, roept Techniek Nederland de overheid op om reparaties ook financieel aantrekkelijker te maken. Vanaf 1 augustus moeten EU-lidstaten de richtlijn in hun nationale wetgeving hebben verwerkt. Het Nederlandse kabinet diende hiervoor op 10 juli een wetsvoorstel in bij de Tweede Kamer, waarmee de regels naar verwachting eind dit jaar van kracht worden.
De nieuwe Europese wetgeving verplicht fabrikanten om apparaten ook na afloop van de wettelijke garantieperiode te repareren, mits dit technisch haalbaar is. Daarnaast moeten zij reserveonderdelen, gereedschappen en reparatie-informatie toegankelijk maken voor erkende reparateurs. De regels zijn bedoeld om de levensduur van consumentenelektronica te verlengen en het aantal vroegtijdige vervangingen terug te dringen.
Financiële prikkel noodzakelijk
Ondanks dat Techniek Nederland de richtlijn verwelkomt als een belangrijke stap richting een circulaire economie, benadrukt de brancheorganisatie dat wetgeving alleen niet volstaat.
"Repareren moet de norm worden," stelt voorzitter Mark Harbers van Techniek Nederland. "Dat lukt alleen als consumenten niet alleen het recht hebben om te laten repareren, maar daar ook daadwerkelijk voor kiezen. Een stimuleringsmaatregel, zoals een reparatievoucher of een aftrekpost in de inkomstenbelasting, kan daarbij het verschil maken." De Europese richtlijn verplicht lidstaten om ten minste één bevorderingsmaatregel te nemen; de brancheorganisatie stelt dat het een gemiste kans zou zijn als Nederland dit nalaat.
Grote berg elektronisch afval
De noodzaak voor actie is volgens de organisatie groot. In Nederland wordt jaarlijks gemiddeld 21 kilo aan elektronica per persoon weggegooid, wat neerkomt op een totale afvalberg van 378 miljoen kilo per jaar. Een aanzienlijk deel hiervan is volgens de organisatie onnodig afval dat voorkomen kan worden wanneer herstel de voorkeur krijgt boven vervanging.
Consumenten kunnen voor gecertificeerde herstelwerkzaamheden al gebruikmaken van het Nationaal Reparateursregister. Dit platform telt inmiddels bijna 400 erkende vaklieden voor diverse productgroepen, waaronder huishoudelijke apparatuur, smartphones, tablets, ICT-hardware en beeldschermen.
Hoewel de nieuwe regelgeving de reparatiesector naar verwachting een impuls zal geven, blijft aanvullend beleid volgens Harbers essentieel: "Het recht op reparatie legt een stevig fundament. Nu is het aan de overheid om repareren ook economisch aantrekkelijk te maken."