Relatief veel technische phishing en voorschotfraude in Nederland
Het aantal phishingaanvallen is op jaarbasis met 29,8 procent gestegen, terwijl de aanpak van cybercriminelen verandert. Grootschalige en relatief eenvoudige campagnes nemen af, gerichte aanvallen op personen en organisaties nemen toe.
Dat blijkt uit het Phishing Threat Trends Report, Vol. 8, van beveiligingsbedrijf KnowBe4. Het rapport is gebaseerd op data van de e-mailbeveiliging van het bedrijf, die dagelijks 1,15 miljard gebeurtenissignalen verwerkt. Gemiddeld is wereldwijd een op de 733 binnenkomende e-mails gevaarlijk. In Nederland ligt dat aandeel hoger: daar is een op de 639 e-mails een phishingmail.
Gerichte aanvallen nemen toe
Ongerichte massacampagnes, ook wel ‘spray and pray’ genoemd, worden minder vaak ingezet. Oplichting via mobiele apparaten nam af met 47,3 procent, voorschotfraude (ook bekend als 419-fraude) daalde met 31,3 procent en phishingberichten die inspelen op gemiste meldingen namen af met 11,3 procent.
Tegelijk besteden aanvallers meer werk in het voorbereiden van aanvallen. Spearphishing, waarbij een specifiek doelwit wordt benaderd, nam toe met 41,1 procent. Het verkennen van mogelijke slachtoffers voorafgaand aan een aanval steeg met 33,7 procent. Het aantal gevallen waarin criminelen zich voordoen als een legitiem bedrijf groeide met 28 procent.
Vooral technische methoden ingezet in Nederland
In Nederland gebruiken aanvallers veel vaker technische middelen dan psychologische manipulatie. Bij 50,1 procent van de phishingaanvallen werd een technische methode ingezet, tegenover 30,4 procent wereldwijd. Social engineering, waarbij slachtoffers worden misleid om bijvoorbeeld gevoelige informatie af te staan, komt in Nederland voor bij 19 procent van de aanvallen. Wereldwijd is dat 46,8 procent.
Voorschotfraude, waarbij slachtoffers eerst geld moeten betalen om geld te ontvangen, is in Nederland goed voor 12 procent van de aanvallen. Dat is bijna drie keer zoveel als het wereldwijde gemiddelde van 4,7 procent.
AI-platforms als aanvalsroute
In het derde kwartaal van 2026 was de kans dat een aanval afkomstig was van legitieme IT-infrastructuur twee keer zo groot als in het tweede kwartaal. Criminelen maken daarbij steeds vaker gebruik van officiële domeinen van AI-platforms om nepontwikkelomgevingen, valse inlogpagina’s en misleidende downloadpagina’s aan te bieden.
Door generatieve AI en agentic tools zetten aanvallers actueel nieuws 5,4 keer sneller om in phishing-lokmiddelen dan in 2022.
Veel commerciële toolkits
Commerciële toolkits dragen sterk bij aan de groei van het aantal aanvallen. Phishing die met zulke toolkits wordt uitgevoerd, nam met 54 procent toe en is goed voor 29,2 procent van alle kwaadaardige inkomende e-mails. Drie toolkits zijn samen verantwoordelijk voor 90,2 procent hiervan.
Aanvallers omzeilen daarnaast steeds vaker wachtwoorden. Bij authenticatie-phishing loggen zij met apparaatcodes in op platforms als Microsoft Teams en misbruiken ze OAuth-toestemming om sessies en rechten van AI-agents over te nemen.
Pieken op maandag
Van alle phishingmails komt 90,4 procent binnen op werkdagen. Op maandag, wanneer de inboxen het drukst zijn, arriveert 20,6 procent. Business Email Compromise (BEC) is goed voor 51,2 procent van de phishingtypen. HR, finance en het management zijn de meest gekozen doelgroepen.
“Jarenlang draaiden beveiligingsadviezen om een vast rijtje controles: controleer het e-mailadres van de afzender, beweeg met je muis over links om te zien waar ze naartoe leiden en kijk of er een slotje in de adresbalk staat", aldus Jack Chapman, SVP of Threat Intelligence bij KnowBe4. “Hoewel deze adviezen nog steeds een belangrijke basis vormen, worden ze met de dag minder effectief. Cybercriminelen hoeven beveiligingsfilters niet langer te misleiden met nagemaakte domeinnamen als ze ook misbruik kunnen maken van vertrouwde websites en diensten. Ze kunnen inmiddels legitieme IT-infrastructuur gebruiken, toegangsrechten buitmaken in plaats van wachtwoorden en razendsnel inspelen op actualiteiten. Dat iets betrouwbaar lijkt, betekent dus niet automatisch dat het veilig is. Organisaties moeten daarom opnieuw nadenken over wat ze kunnen vertrouwen en hoe ze hun medewerkers het beste kunnen beschermen.”