WEF: AI-boom drijft groei, maar risico’s stapelen zich op
De wereldeconomie toont begin 2026 een verrassende veerkracht. Ondanks zware handelsbeperkingen en geopolitieke spanningen, groeit de economie harder dan verwacht. Volgens topeconomen van het IMF en het World Economic Forum (WEF) fungeert de massale investeringsgolf in kunstmatige intelligentie (AI) als een cruciale schokdemper. Toch klinkt er een waarschuwing: de afhankelijkheid van een kleine groep techreuzen en de oplopende bedrijfsschulden maken het fundament van deze groei wankel.
In een gepubliceerde analyse stellen Tobias Adrian en Pierre-Olivier Gourinchas dat de mondiale groei dit jaar uitkomt op 3,3 procent. Dat is een opwaartse herziening van 0.2 procentpunt ten opzichte van eerdere ramingen. Vooral de Verenigde Staten en China presteren boven verwachting, mede omdat zij de directe klap van nieuwe handelstarieven sneller hebben opgevangen dan voorzien.
De AI-motor: Reddingsboei of zeepbel?
De drijvende kracht achter deze optimistische cijfers is de IT-sector. De investeringen in AI-technologie in de VS hebben het hoogste niveau bereikt sinds de internetboom van 2001. Deze "tech-gedreven boom" straalt wereldwijd uit, met name naar Aziatische landen die de benodigde hardware en chips exporteren.
Toch trekken de economen een parallel met het verleden. Hoewel de huidige situatie gezonder oogt dan tijdens de dotcom-era – de winsten zijn nu reëler en de koers-winstverhoudingen minder extreem – zijn er drie grote zorgpunten:
- Extreme concentratie: De groei van de aandelenmarkten leunt bijna volledig op een handjevol AI-gerelateerde bedrijven.
- Hoge schulden: Bedrijven lenen steeds vaker grote bedragen om de dure race om AI-dominantie bij te houden, wat de financiële kwetsbaarheid vergroot.
- Hogere marktwaarde: De totale beurswaarde ten opzichte van de economie is nu veel groter dan in 2001. Een correctie op de beurs zou daardoor direct een verwoestend effect kunnen hebben op de wereldwijde consumptie.
Handelsbelemmeringen als sluipmoordenaar
Hoewel de wereldeconomie de eerste tariefschokken heeft "afgeschud", waarschuwt het WEF dat de negatieve effecten van handelsverstoringen zich over de tijd opstapelen. Geopolitieke onzekerheid en exportcontroles op kritieke grondstoffen blijven zand in de motor strooien.
Voor landen als Nederland, die sterk afhankelijk zijn van open handelsroutes en de hightechindustrie, is dit een precair evenwicht. Het IMF roept beleidsmakers dan ook op om buffers op te bouwen. "Overheden moeten hun schulden verminderen en toezichthouders moeten scherp blijven op de kredietverlening aan de techsector," aldus de auteurs.
Ongelijke impact op de arbeidsmarkt
Naast financiële risico's wijst het rapport op de sociale gevolgen van de AI-revolutie. Terwijl de technologie de productiviteit kan verhogen, dreigt het tegelijkertijd banen te verdringen en de ongelijkheid te vergroten. Het WEF pleit daarom voor gericht beleid om werknemers om te scholen en de voordelen van innovatie breder te delen, om te voorkomen dat de huidige groei uitmondt in een nieuwe "boom-bust" cyclus.