ACM onderzoekt naar macht van educatieve reuzen
De Autoriteit Consument & Markt (ACM) start in 2026 een grootschalig onderzoek naar de markt voor digitale leermiddelen in het voortgezet onderwijs. De toezichthouder reageert hiermee op aanhoudende signalen over torenhoge prijzen, een gebrek aan keuzevrijheid voor scholen en de massale verspilling van ongebruikte werkboeken.
De Nederlandse onderwijsmarkt is momenteel stevig in de greep van een klein aantal spelers. De drie grootste educatieve uitgevers bezitten samen ruim 70% van de markt. Voor sommige specifieke vakken is er zelfs sprake van een monopolie, waarbij scholen slechts bij één aanbieder terechtkunnen. De ACM wil nu weten of deze machtspositie de vernieuwing in het onderwijs verstikt en de kosten onnodig opdrijft.
Gedwongen winkelnering en papierverspilling
Een belangrijk pijnpunt in het onderzoek is de zogeheten ‘bundelverkoop’. Scholen worden vaak verplicht om digitale licenties af te nemen in combinatie met papieren werkboeken (Licentie-Folio). In de praktijk leidt dit tot bizarre situaties: scholen die volledig digitaal willen werken, moeten alsnog de fysieke boeken afrekenen, die vervolgens ongebruikt in de papierbak belanden.
De ACM onderzoekt of deze koppelverkoop een bewuste strategie is om concurrentie buiten de deur te houden en of meerjarige contracten het scholen onmogelijk maken om over te stappen naar goedkopere of innovatievere alternatieven.
Data Act en EdTech
Het onderzoek kijkt ook met een schuin oog naar Brussel. De vorig jaar in werking getreden Europese Data Act stelt dat IT-systemen in het onderwijs 'interoperabel' moeten zijn. Dat betekent dat scholen makkelijk moeten kunnen overstappen tussen clouddiensten en dat verschillende softwarepakketten (EdTech) naadloos met elkaar moeten kunnen communiceren. De ACM toetst of de huidige marktleiders technische barrières opwerpen om hun eigen ecosysteem af te schermen.
Oproep aan het veld
De toezichthouder nodigt docenten, schoolbestuurders en softwareontwikkelaars expliciet uit om hun ervaringen te delen. Signalen over knelpunten kunnen tot 30 april 2026 worden gemeld. Na de zomer worden de eerste resultaten verwacht, waarna eind 2026 het definitieve rapport verschijnt. Dit onderzoek loopt parallel aan een traject van de ministeries van OCW en Economische Zaken, wat de politieke urgentie van het dossier onderstreept.