Meer keuzevrijheid begint met een serieus Europees cloudalternatief
Een aantal gemeenten en overheidsinstanties in Nederland heeft dit jaar al de eerste stappen gezet richting de Europese cloud. Toch gaat de ontwikkeling minder snel dan je op basis van de discussies in het publieke debat zou verwachten. De vraag is hoe organisaties digitale soevereiniteit vertalen naar concrete keuzes. Volgens T-Systems verdient Europese cloudtechnologie daarbij een volwaardige plek in de IT-strategie.
De discussie over digitale soevereiniteit is het afgelopen jaar steeds urgenter geworden. Overheden, gereguleerde markten en het bedrijfsleven kijken kritischer naar welk type data op welke locatie opgeslagen moet zijn en hoe om te gaan met afhankelijkheid van niet-Europese leveranciers. Daarbij gaat het inmiddels om veel meer dan de locatie waar data wordt opgeslagen. Ook juridische zeggenschap, controle over infrastructuur, continuïteit en de mogelijkheid om van leverancier te veranderen spelen een belangrijke rol.
Met het in juli 2026 aangescherpte Rijkscloudbeleid krijgt dit onderwerp ook vanuit de overheid extra aandacht. Organisaties moeten bewuster omgaan met geopolitieke risico’s, afhankelijkheden van leveranciers en de mogelijkheden om clouddiensten te verlaten.
Maar beleid en ambities alleen zorgen nog niet voor een grote omslag. Daarvoor moeten Europese cloudalternatieven ook daadwerkelijk onderdeel worden van de technologische keuzes die organisaties maken.
Van digitale soevereiniteit naar daadwerkelijke adoptie
Emily Glastra, managing director van T-Systems Nederland: “de Europese cloudmarkt is volwassen genoeg om op dit moment al een grotere rol te spelen in de IT-strategie van elke organisatie. De volgende uitdaging is om organisaties te stimuleren deze technologie daadwerkelijk te gebruiken en de bekendheid te vergroten”.
Voor organisaties is het daarom belangrijk om vast te stellen waar een Europees cloudalternatief aantoonbaar past binnen hun applicatieportfolio en risicoprofiel. Dat vraagt om een andere benadering van digitale soevereiniteit. Daarbij verdienen ook de technologische mogelijkheden en alternatieven die vandaag beschikbaar zijn nadrukkelijk aandacht. Dit betekent niet dat organisaties afscheid hoeven te nemen van hun bestaande cloudomgevingen. Juist binnen een hybride of multicloudstrategie kunnen Europese cloudproviders een aanvullende rol vervullen voor bepaalde kritische workloads.
Bij nieuwe applicaties, de modernisering van bestaande IT-landschappen en toekomstige cloudmigraties ontstaat ruimte om bewust te kiezen waar workloads worden ondergebracht. Organisaties moeten daarbij kijken naar technische geschiktheid, continuïteit, beheersbaarheid, afhankelijkheden en de herkomst van de aanbieder.
Europese publieke cloud als serieus alternatief
T Cloud Public is de Europese publieke cloud van T-Systems. Het platform wordt geleverd vanuit datacenters in Europa, waaronder Nederland en Duitsland, en is gebaseerd op OpenStack. Daarmee biedt T-Systems organisaties een Europese publieke cloud met een schaalbare infrastructuur. Voor organisaties die waarde hechten aan de locatie van hun workloads, zijn ook de bijbehorende contractuele en operationele afspraken belangrijk. Per workload kunnen organisaties beoordelen welke mogelijkheden aansluiten op hun specifieke eisen.
De inzet van Europese cloudtechnologie hoeft daarbij geen alles-of-niets beslissing te zijn. Je kunt beginnen met specifieke workloads, nieuwe applicaties of een proof-of-concept om de technische en operationele mogelijkheden te onderzoeken. Juist deze pragmatische aanpak kan helpen om de overstap van strategische ambities naar concrete toepassing te maken. Met een gerichte proef kunnen organisaties zelf beoordelen of de functionaliteit, integratiemogelijkheden en het beheer aansluiten op hun eisen.
CIO’s en cloudarchitecten kunnen het verschil maken
Voor CIO's en IT-directeuren ligt er een belangrijke opgave. Zij moeten digitale soevereiniteit vertalen naar een toekomstbestendige cloudstrategie, zonder concessies te doen aan innovatie, flexibiliteit of bedrijfscontinuïteit.
Cloudarchitecten spelen daarbij een minstens zo belangrijke rol. Zij bepalen in belangrijke mate welke technologieën worden toegepast, hoe workloads worden ingericht en hoe afhankelijkheden van specifieke platforms worden beperkt. Door Europese cloudalternatieven structureel mee te nemen bij architectuurkeuzes, aanbestedingen en migratieprojecten, ontstaat meer ruimte voor keuzevrijheid.
Voor CIO’s en cloudarchitecten verschuift de aandachte daarmee naar de vraag voor welke toepassingen Europese cloudtechnologie geschikt is en wanneer inzet ervan zinvol is. Een beschikbare eerste stap is om bij de volgende architectuur- or migratiebeslissing expliciet een Europees alternatief mee te beoordelen.
Van strategie naar zichtbaarheid: campagne in Den Haag
Deze boodschap staat ook centraal in de outdoorcampagne die T-Systems Nederland vandaag in Den Haag lanceert. De campagne vestigt de aandacht op T Cloud Public als concreet Europees cloudalternatief. Emily Glastra benadrukt dat organisaties nu zelf aan zet zijn: "Europese cloud is waar steeds meer organisaties bewust voor kiezen, maar het kan sneller. We bouwen bij T-Systems al sinds 2016 aan T Cloud. Vertrouwen ontstaat door ervaring op te doen. Daarom moedig ik organisaties aan om Europese alternatieven snel zelf te onderzoeken, te testen en mee te nemen in hun cloudstrategie. Als onderdeel van dagelijkse besluitvorming.”