Witold Kepinski - 29 mei 2026

Tien procent Nederlandse economie draait op data

Bijna tien cent van elke euro in de Nederlandse economie komt voort uit data. Dat blijkt uit een nieuw onderzoek, The rising value of data, waarin PwC de economische waarde van dataproducten in Nederland inzichtelijk maakt. In 2024 bedroeg de totale waarde van dataproducten 9,6 procent van het bbp, ongeveer 108 miljard euro. Het rapport toont verder aan dat investeringen in data samenhangen met toekomstige economische groei.

Tien procent Nederlandse economie draait op data image

Het onderzoek brengt voor het eerst de volledige omvang van de Nederlandse data-economie in kaart. Barbara Baarsma, hoofdeconoom van PwC: ‘Data is uitgegroeid tot een centrale en steeds belangrijkere pijler van de Nederlandse economie. Data wordt meestal niet verhandeld als tastbaar product, maar zit ingebed in processen, systemen en diensten. De onderzoeksuitkomst dat ongeveer een tiende van de Nederlandse economie draait op data, maakt die waarde concreet en inzichtelijk.’  

PwC berekende de waarde van data voor de economie aan de hand van de kosten van arbeid en andere input (zoals software en hardware) die nodig is om in verschillende beroepen data te verzamelen, op te slaan in databases en inzichten uit die data te genereren. ‘Die optelsom van ruwe data, databases en data science noemen we de totale waarde van dataproducten. Net als gebouwen of machines is data een kapitaalgoed dat opstapelt. Nederland heeft naast wegen, bruggen en dijken ook een grootschalige, digitale data-infrastructuur opgebouwd’, aldus Baarsma. ‘Uit het onderzoek blijkt dat Nederland tussen 2013 en 2024 voor ongeveer 466 miljard euro aan datakapitaal heeft opgebouwd.’  

Verschuiving van dataverzameling naar inzichten genereren met data 

Het rapport laat ook zien dat de economische waarde van data steeds meer verschuift van het verzamelen van data naar het genereren van inzichten uit data. Investeringen in data science groeiden, gecorrigeerd voor inflatie, van 17,4 miljard euro in 2013 naar 32,2 miljard euro in 2024. Een stijging van 86 procent. Volgens Baarsma past deze verschuiving naar datagedreven werken bij de overgang van een kenniseconomie naar een intelligentie-economie.  

‘Ons onderzoek laat zien dat de echte waarde pas ontstaat wanneer data wordt geanalyseerd en omgezet in inzichten. Tegelijkertijd zijn er nog steeds organisaties die denken dat ze datagedreven werken omdat ze gegevens verzamelen, op bedrijfsniveau worden data-investeringen nog te vaak gezien als kostenpost. Op macro-economisch niveau blijkt nu dat data-investeringen direct samenhangen met toekomstige economische groei. Dit maakt investeringen in data vergelijkbaar met investeringen in infrastructuur of onderwijs: het zijn investeringen in de toekomst.’  

Zo blijkt uit het rapport dat één procent meer data-intensiteit, gemeten als de totale investeringen per fte, samenhangt met 0,13 procentpunt hogere economische groei in het jaar erna. Baarsma: ‘Vergeleken met onderwijs- en infrastructuurinvesteringen hebben data-investeringen een opvallend snelle en directe groeidoorwerking. Waar onderwijs en infrastructuur hoge opbrengsten kennen maar met vertraging, vertaalt een hogere data-intensiteit zich al binnen één jaar in meetbaar hogere economische groei.’  

Zorg als grootste data-investeerder 

In absolute bedragen was zorg & welzijn in 2024 de grootste investeerder in dataproducten. De sector investeerde 19,5 miljard euro in voornamelijk dataverzameling, zoals patiëntendossiers, diagnosegegevens en behandelregistraties. Wanneer we kijken naar data-investeringen per fte, de zogenoemde data-intensiteit, staan financiële dienstverlening & vastgoed en informatie & communicatie bovenaan. Baarsma: ‘De publieke sector slaat data veelal op omdat het moet, de private sector omdat ze het wil. Ondernemingen zijn meer gericht op waarde halen uit data dan publieke organisaties. Dat wil niet zeggen dat het niet anders kan in de publieke sector. Ook de zorg kan datakapitaal verder verzilveren door data veel breder in te zetten voor hogere kwaliteit en arbeidsproductiviteit.'   

Datavaardigheden breder nodig op de arbeidsmarkt 

Uit het rapport blijkt verder dat meer dan de helft van alle beroepen inmiddels tien procent van de werktijd besteedt aan data gerelateerde taken. ‘Datavaardigheden en kennis zijn al lang niet meer alleen relevant voor ICT-specialisten, het is een basisvereiste op de arbeidsmarkt. Bedrijven hebben een rol om die ontwikkeling te faciliteren, werknemers om daarin te investeren en de overheid om opleiding en arbeidsmarktbeleid te richten op een meer datagedreven economie’, aldus Baarsma. 
Tegelijkertijd zijn personeelstekorten juist groot in data-intensieve functies die de meeste waarde opleveren. Denk aan beroepen zoals ICT specialisten, ingenieurs en businessanalisten. Volgens Baarsma vormt die krapte een rem op toekomstige waardecreatie. 'Het rapport laat zien dat het oplossen van deze tekorten substantieel meer waarde kan vrijmaken voor de Nederlandse economie. Het is een duidelijk signaal aan de politiek: investeer in opleiding en arbeidsmarktbeleid, anders laten we miljarden liggen.' 
 

Dutch IT Security Day 2026 BW + BN Ingram Micro BW + BN
Igel BW en BN