KPMG: Verzekeraars splitsen in AI-koplopers en achterblijvers
Kunstmatige intelligentie (AI) is niet langer een experimenteel speeltje in de achterkamers van de IT-afdeling, maar een strategische prioriteit in de bestuurskamers van de Nederlandse verzekeringswereld. Volgens het nieuwe KPMG-rapport ‘State of AI in Insurance’ staat AI bij veel verzekeraars in de top-3 van belangrijkste investeringen. Toch waarschuwt het rapport voor een groeiende tweedeling in de markt.
De cijfers liegen er niet om: wereldwijd ziet 73 procent van de CEO’s in de sector AI als een absolute prioriteit. De verwachtingen over het rendement zijn bovendien razendsnel bijgesteld. Waar in 2024 slechts 21 procent van de bestuurders binnen drie jaar resultaat verwachtte van AI-investeringen, is dat percentage inmiddels gestegen naar 67 procent. Ook in Nederland is de koudwatervrees verdwenen: elke ondervraagde verzekeraar ziet AI nu als een kans voor groei in plaats van een bedreiging.
De kloof: Integratie versus experiment
Hoewel de hele sector AI omarmt, signaleert KPMG een zorgwekkende trend: de afstand tussen de 'koplopers' en de 'achterblijvers' wordt groter.
De koplopers: Zij integreren AI op grote schaal in hun kernprocessen. Hier is AI verweven met de dagelijkse schadeafhandeling, risicobeoordeling en administratie.
De achterblijvers: Deze groep richt zich nog voornamelijk op losse, gefragmenteerde toepassingen. Zonder een stevig AI-fundament blijven hun ambities vaak steken in de experimentele fase.
Efficiëntie blijft de voornaamste drijfveer. Door de inzet van persoonlijke AI-assistenten en diepgaande data-analyses stijgt niet alleen de snelheid van werken, maar ook de kwaliteit van het advies aan de klant.
Datafundament: De zwakke plek
De weg naar de 'intelligente verzekeraar' is echter niet zonder drempels. Voor veel organisaties blijkt het bouwen van een betrouwbaar en 'AI-ready' datafundament de grootste uitdaging. Zonder kwalitatieve data is schaalvergroting onmogelijk.
Daarnaast worstelt de sector met het tempo van de technologische ontwikkelingen. Governance- en risicoprocessen houden de razendsnelle opmars van AI niet altijd bij. Het waarborgen van verantwoord AI-gebruik is weliswaar stevig verankerd in de strategie, maar de praktische uitvoering en de afhankelijkheid van externe technologiepartners blijven belangrijke zorgpunten.
De factor mens: Omscholen voor de toekomst
De transitie naar AI vraagt om meer dan alleen software; het vereist een fundamentele verandering van de organisatiecultuur. Maar liefst 83 procent van de CEO's geeft aan dat AI een enorme impact heeft op de training en ontwikkeling van personeel. Vooral startersfuncties veranderen drastisch van karakter.
De sector investeert daarom massaal in:
Nieuwe rollen: De opkomst van AI product owners en data engineers.
Leiderschapsprogramma’s: Bestuurders leren hoe zij een sterk 'veranderverhaal' kunnen neerzetten.
Adoptie: Medewerkers leren werken met AI-tools om hun eigen productiviteit te verhogen.
"AI is uitgegroeid tot een structurele motor achter procesoptimalisatie en innovatie", zegt Gerben Kraak, partner bij KPMG Nederland. "De echte versnelling ontstaat pas wanneer verzekeraars investeren in een solide datafundament én hun mensen echt meenemen in die verandering."
De boodschap van KPMG is helder: wie nu niet investeert in de basis — zowel technisch als menselijk — loopt het risico definitief uit het zicht van de koplopers te verdwijnen.